Rechtsgelijkheid in buitengebied

Vraag:

Moeten we elk (agrarisch) bedrijf of burgerwoning vanuit rechtsgelijkheid dezelfde uitbreidingen toestaan?

Antwoord:

Het begrip ‘rechtsgelijkheid’ leidt gemakkelijk tot verwarring. Het begrip zegt dat gelijke situaties in het rechtssysteem gelijk behandeld dienen te worden. Een situatie is echter zelden gelijk aan een andere situatie. Zo is de vraag van een tweede vestiging van bijvoorbeeld een minicamping nooit dezelfde als de vraag van een eerste vestiging in de gemeente: immers, in het ene geval was er geen minicamping, en in het andere geval was er al eentje. De situatie is dus juridisch verschillend en niet ‘rechtsgelijk’.


De vraag of we elk bedrijf of elke burgerwoning dezelfde rechten willen geven, is dus een beleidsvraag en vereist een beleidskeuze. De keuze is te differentiëren naar gebiedstype of bedrijfs/bestemmingscategorie.
Zo is het vanuit een bepaalde analyse te motiveren dat er in een bepaald gebied ruimte is voor een beperkt aantal functies of activiteiten. In het dorpscentrum wordt bijvoorbeeld één discotheek voldoende gevonden of de gemeente vindt dat het buitengebied met twee maneges wel is voorzien.
Een ontwikkeling kan ook met onderbouwing in de regels worden ‘gestaffeld’: een recht of afwijking is opgenomen voor bijvoorbeeld de eerste vijf minicampings waarbij de volgende vijf minicampings afweegbaar zijn in een andere afwijking met andere criteria.


 


bron: www.landregels.nl  HW 10jan2013