Nevenactiviteiten biji burgerwoningen

Vraag:

Is er een manier om activiteiten bij burgerwoningen in het bestemmingsplan te regelen?

Antwoord:

Burgerwoningen in het buitengebied nemen in aantal toe, vooral door daling van het aantal agrarische bedrijven, maar ook door regelingen rond ‘ruimte-voor-ruimte’ of ‘rood-voor-rood’.
Een aantal activiteiten is zonder meer toegestaan als onderdeel van de woning, zoals thuis werken, een bedrijf runnen dat via internet werkt en verder geen ruimten of erf gebruikt, een vrij beroep uitoefenen zoals vertaler, adviseur of coach, het aanbieden van logeerruimte, en dergelijke. Voor de r.o. is er pas een reden tot regelen indien de hoofdfunctie (in dit geval wonen) wijzigt, of indien er ruimtelijke effecten zijn die een afweging (een regel) behoeven. Het laatste is het geval indien uitbreiding van de woning of gebruik van bijgebouwen voor de activiteit gewenst wordt, of indien de activiteiten een verkeersafweging vereisen. Uit dit laatste volgen de regels rond beroep of bedrijf aan huis (zie v/a over beroep aan huis). Het is dus niet zonder meer zo dat elke activiteit die aan het wonen wordt toegevoegd een afweging (en regel) in het bestemmingsplan behoeft.


 


Indien activiteiten een ruimtelijke afweging behoeven, zijn er diverse mogelijkheden om dit te regelen. De basis ligt in de beleidskeuze of en in welke mate burgerwoningen activiteiten mogen ontplooien. Er is hierbij een defensieve of offensieve benadering te kiezen. Bij het eerste gaat het om het regelen (meestal beperken) van de bestaande situatie. Bij het tweede speelt de erkenning dat burgers ook willen en kunnen bijdragen aan de gebiedsdoelen zoals ecologie, recreatie of instandhouding van het landschap. In beide gevallen gaat het om de ruimtelijke begrenzing van bedrijfs- en beroepsmatige activiteiten versus niet-bedrijfsmatige of niet-beroepsmatige activiteiten. Bij bedrijfs- en beroepsmatige activiteiten speelt de economische noodzaak een rol en leidt tot het algemeen recht van een zekere uitbreiding; bij niet-bedrjfsmatige activiteiten speelt dit niet.



In enkele gemeenten is beleidsruimte in de regels opgenomen voor burgerwoningen voor niet-bedrijfsmatige en niet-beroepsmatige activiteiten zoals theetuin, bezoektuin, logeerruimte, kamperen, en dergelijke. Bij bedrijfsmatige activiteiten wordt in de offensieve benadering ruimte geboden indien het gaat om activiteiten die ruimtelijk en functioneel een relatie hebben met de gebiedsdoelen (zie ook vraag plattelandsonderneming).


De bestemmingsplanregels kunnen op meerdere wijzen binnen de SVBP-kaders worden vorm gegeven. Dit kan variëren van adreslijst met specifieke benoeming van de activiteit, lijst van activiteiten zonder adres (als recht of na afwijking) of uitsluitend kwalitatieve criteria, allen steeds met normatieve criteria van m2 gebouw en erf.


 


bron: www.landregels.nl   HW 10jan2013